Geschiedenis van de hennepbouw

Hennephuis restauratieFrankrijk heeft aan de wieg gestaan bij de moderne bouwwijze van kalkhennep. In de champagnestreek stonden vele oude vakwerkwoningen. Deze vakken waren traditioneel gevuld met stro, leem en kiezels. In de loop van vorige eeuw werden vele gerenoveerd met cement gebaseerde mortels of pleisters. Die brachten veel schade aan de woningen, doordat ze het ademend karakter van de vroegere mortels met stro totaal verstoorden. Velen waren dan ook klaar voor de sloop.

Drie namen zijn zowat de pioniers in de moderne kalkhennepbouw. Périer, Boyeux en Kühn waren de eersten om te de combinatie van kalk met hennepscheven te gaan gebruiken als opvulmateriaal voor verwoeste vakwerkvullingen. En hun oplossing vond al heel snel navolging over heel Frankrijk.

We mengen hennepscheven dus met kalk mengen om te komen tot een ‘hempcrete’ of ‘kalkhennepbeton’. Eigenlijk zeggen we eerder gewoon kalkhennep want er komt helemaal geen cement of kiezel bij kijken. De mengeling van kalk en hennepscheven is net wat we zoeken in het bio-ecologisch bouwen : het heeft de flexibiliteit en de poreusheid die nodig is voor zijn functie en voldoet aan de normen van een bio-ecologisch materiaal.

4 mengformules en méér

De kalk die gebruik wordt voor een kalkhennepmengsel is enerzijds luchtkalk met een verharder of hydraulische kalk met luchtdrogende eigenschappen. De basisregel is dat luchtkalk voor isolatiedoeleinden de beste oplossing is, maar dat je voor de sterke uitharding of de regenbestendigheid een puzzolaan of binder of gewoon hydraulische kalk toevoegt.

Dakhennep : waar kalkhennep vooral een isolerende functie krijgt, is de interne structuur minder van belang en meng je niet méér dan 10% kalk onder de massa, net genoeg om de kalkscheven te bedekken met een laagje en ze aan elkaar te ‘lijmen’ tot een zachte massa. Het isoleren met hennepwol is hier ook een mogelijkheid met hoge geluidsisolatie waarde.

Muurhennep : voeg tot 25% kalk toe aan het volume als de kalkhennep windkrachten moet doorstaan en het gebouw meer sterkte en stijfheid moet brengen. Er moet dus voldoende kalk aanwezig zijn om sterk te worden maar niet te veel om isolerend te blijven.

Vloerhennep : als je kalkhennep wil gebruiken als isolatiemateriaal onder een benedenvloer en als die voldoende drukvast en stabiel moet zijn om op een kiezellaag aangebracht te worden en toch bijvoorbeeld terracotta tegels of een kalkchape te dragen, zal de mengsel ongeveer half om half uit kalk en uit hennepscheven bestaan.

Hennepstuc : als je wil stuccen met kalkhennep zal er voldoende kalk in de massa moeten zitten om een smeuïge mortel te maken en om de hennepmassa te kunnen strijken tot een werkbare pleister. Hier ligt het aandeel kalk zo rond de 85 tot 90%. Soms voegt men wel wat gemalen kalksteen toe om het water iets langer vast te houden wanneer de pleister te snel zou uitdrogen. Soms gebruikt me ook de kleinere kalkpartikels om een zeer fijne stucco te maken.